ECLI:NL:RBMNE:2021:2278
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering studiefinanciering wegens overschrijding bijverdiengrens in 2016
Eiseres had in 2016 recht op studiefinanciering en een studentenreisproduct, maar overschreed de bijverdiengrens met een toetsingsinkomen van €27.745, terwijl de grens €13.989,13 bedroeg. Verweerder vorderde daarom een bedrag van €2.331,66 terug, bestaande uit prestatiebeurs en reisvoorzieningen.
Eiseres betoogde dat zij niet tijdig kon stoppen met studiefinanciering omdat zij pas in 2019 met terugwerkende kracht een prestatiebeurs kreeg toegekend. Zij verzocht om de extra studiefinanciering toe te rekenen aan 2017, toen zij niet boven de bijverdiengrens uitkwam. Verweerder stelde dat eiseres zelf de prestatiebeurs in 2018 verlengd had en dat zij bezwaar had kunnen maken tegen het besluit van 2019.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 2019 rechtsgeldig vaststaat, dat eiseres bekend was met haar studiefinancieringsrechten en plichten in 2016, en dat zij de studiefinanciering en reisproduct had moeten stopzetten toen zij de bijverdiengrens overschreed. De terugvordering is daarom terecht en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de terugvordering van studiefinanciering en reisvoorzieningen wegens overschrijding van de bijverdiengrens in 2016.