ECLI:NL:RBMNE:2021:2427
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffing parkeerbelasting terecht bij gedeeltelijk parkeren op trottoirband
Op 8 februari 2020 parkeerde eiser zijn auto deels op een trottoirband en grotendeels binnen een parkeervak waar betaald parkeren geldt. Verweerder legde een naheffingsaanslag parkeerbelasting op wegens het niet betalen van de verschuldigde belasting. Eiser stelde dat er geen sprake was van parkeren in de zin van de Gemeentewet omdat de auto deels op de trottoirband stond, en dat alleen een verkeersboete op grond van de Wet Mulder mogelijk was.
De rechtbank stelde vast dat de auto voor het overgrote deel binnen het parkeervak stond, waardoor er sprake was van parkeren in de zin van de Gemeentewet. De naheffingsaanslag was daarom terecht opgelegd. De rechtbank behandelde ook de vraag of sprake was van misbruik van recht door eiser, die meerdere soortgelijke procedures had gevoerd en bewust zijn auto deels op het trottoir parkeerde om bezwaar te maken tegen de naheffing. De rechtbank vond onvoldoende grond om misbruik van recht aan te nemen in deze enkele zaak.
De rechtbank wees het beroep van eiser af en bevestigde dat de parkeerbelasting verschuldigd was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter N.M.H. van Ek op 12 maart 2021.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting is terecht opgelegd omdat de auto grotendeels in het parkeervak stond.