ECLI:NL:RBMNE:2021:2597
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep zorgtoeslag 2018
Verzoeker had bezwaar gemaakt tegen een herziening van de definitieve berekening van de zorgtoeslag over 2018, waarbij een bedrag van €970 werd vastgesteld en €93 werd teruggevorderd. Na een bestreden besluit waarin het bezwaar ongegrond werd verklaard, stelde verzoeker beroep in bij de rechtbank.
Op 21 mei 2021 nam verweerder een herziene bestreden besluit waarmee tegemoet werd gekomen aan het beroep van verzoeker. Hierop trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten. Verweerder stemde hiermee in.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 8:75a Awb bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming een proceskostenvergoeding kan worden toegekend. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van €534 aan proceskosten, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht, en wees erop dat verweerder ook het griffierecht van €48 moet vergoeden volgens artikel 8:41, zevende lid, Awb.
De uitspraak werd gedaan zonder zitting en is gepubliceerd op 16 juni 2021.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst tot vergoeding van €534 aan proceskosten na intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming.