Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
proces-verbaal van aangifteblijkt onder meer het volgende:
proces-verbaalblijkt onder meer het volgende:
proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2]blijkt onder meer het volgende:
proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 3]blijkt onder meer het volgende:
proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1]blijkt dat hij het volgende verklaard:
5.BEWEZENVERKLARING
3
in de periode van 11 april 2011 tot en met 10 april 2013 te [woonplaats] , meermalen, (telkens), door een andere feitelijkheid en bedreiging met een andere feitelijkheid [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte meermalen, althans éénmaal (telkens)
en bestaande die andere feitelijkheid en die bedreiging met die andere feitelijkheid hierin dat verdachte, een feitelijk overwicht op die [slachtoffer] heeft gehad (gezien de familiare relatie als broer en zus, met die [slachtoffer] en het leeftijdsverschil) en (aldus) voor die [slachtoffer] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
Ten overvloede overweegt de rechtbank dat zij van oordeel is dat er geen sprake is van een grond voor de voorlopige hechtenis als bedoeld in artikel 67a Sv. Gelet op het tijdsverloop en omdat verdachte en aangeefster niet meer bij elkaar wonen bestaat geen vrees voor herhaling, terwijl naar het oordeel van de rechtbank ook geen sprake is van een geschokte rechtsorde, juist door dat tijdsverloop.
9.BENADEELDE PARTIJ
-immateriële schade, ten gevolge van de aan verdachte ten laste gelegde feiten.
-redelijk en billijk.
-. De rechtbank zal dit bedrag toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 10 april 2013 tot de dag van volledige betaling. Voor het resterende deel van de gevorderde immateriële schade zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren.
-
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
gevangenisstraf van twee jaren;
- legt aan verdachte op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de duur van vijf jaren;
- beveelt dat verdachte
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 14.315,38, bestaande uit € 12.500,
-immateriële schade en € 1.815,38 materiële schade; - veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 april 2013 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde aan immateriële schade van € 7.500,
- wijst de vordering van [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde aan materiële schade van € 43,42 af;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 14.315,38 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 april 2013 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 106 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.