ECLI:NL:RBMNE:2021:2849
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen herziening definitieve vaststelling zorg- en huurtoeslag 2018
De Belastingdienst/Toeslagen heeft de definitieve berekening van de zorg- en huurtoeslag van eiser over 2018 herzien op basis van een gewijzigd inkomensgegeven uit de Basisregistratie Inkomen (BRI). Dit leidde tot een lagere vaststelling van de toeslagen en een terugvordering van teveel ontvangen bedragen.
Eiser voerde aan dat herziening niet mogelijk was en in strijd met de wet en het systeem, verwijzend naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De rechtbank oordeelde echter dat de herziening terecht was en binnen de termijn van acht weken na ontvangst van het gewijzigde inkomensgegeven was uitgevoerd, conform artikel 20 Awir Pro.
Verder wees de rechtbank de stellingen van eiser af dat het bestreden besluit niet-ontvankelijk zou zijn en dat de Belastingdienst hem onterecht in een kwaad daglicht stelde. De belangenafweging van de Belastingdienst was niet onredelijk. De rechtbank wees het beroep ongegrond en gaf aan dat hoger beroep mogelijk is bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van de definitieve zorg- en huurtoeslag over 2018 wordt ongegrond verklaard.