ECLI:NL:RBMNE:2021:2942
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na faillissement werkgever en beoordeling arbeidsongeschiktheid
Eiseres was werkzaam als psycholoog/teamleider en werd na haar zwangerschapsverlof arbeidsongeschikt bevonden, niet door zwangerschap. Na faillissement van haar werkgever ontving zij een Ziektewetuitkering vanaf 8 juli 2019. Verweerder beëindigde deze uitkering per 21 januari 2020, omdat eiseres volgens medisch en arbeidskundig onderzoek in staat werd geacht 65% van haar loon te verdienen.
Eiseres maakte bezwaar en voerde aan dat het onderzoek onzorgvuldig was, met name omdat zij niet fysiek werd onderzocht door de verzekeringsarts bezwaar en beroep, waardoor haar bekkenklachten en psychische beperkingen onvoldoende werden erkend. De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsartsen zorgvuldig te werk zijn gegaan, ook binnen de COVID-19-maatregelen, en dat de beperkingen adequaat waren vastgesteld.
De arbeidsdeskundige concludeerde dat eiseres de geduide functies kon verrichten en haar verdiencapaciteit op 67,1% van het loon lag. De rechtbank vond geen aanleiding om de medische beoordeling onjuist te achten of een deskundige te benoemen. Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar Ziektewetuitkering is ongegrond verklaard.