ECLI:NL:RBMNE:2021:295
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen besluit over Tijdelijke tegemoetkomingsregeling kinderopvangtoeslag
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van de Minister van Financiën waarin een tegemoetkoming werd vastgesteld op basis van de Tijdelijke tegemoetkomingsregeling kinderopvangtoeslag (KO). Zij betoogde dat zij recht had op een hogere vergoeding omdat zij meer opvanguren afnam dan het aantal uren waarover zij kinderopvangtoeslag ontving.
De rechtbank overwoog dat de regeling uitsluitend ziet op de eigen bijdrage voor het aantal uren waarvoor kinderopvangtoeslag is toegekend. Dit blijkt uit de gegevens die op de peildatum 6 april 2020 door de Belastingdienst/Toeslagen waren verwerkt en uit de toelichting bij de regeling. Kosten voor opvanguren waarover geen toeslag wordt ontvangen vallen buiten de regeling.
Omdat eiseres op de peildatum recht had op toeslag voor 95 opvanguren per maand, mocht de Minister de tegemoetkoming daarop baseren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het besluit over de tegemoetkoming kinderopvangtoeslag wordt ongegrond verklaard.