ECLI:NL:RBMNE:2021:2957
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na einduitspraak in faillissementszaak
In deze wrakingszaak heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. P.J. Neijt, de rechter-commissaris in een faillissementszaak van een besloten vennootschap. Het wrakingsverzoek werd ingediend nadat de rechter-commissaris op 28 mei 2021 een eindbeslissing had genomen waarbij verzoeker niet-ontvankelijk werd verklaard in een verzoek op grond van artikel 69 Faillissementswet Pro.
De wrakingskamer heeft het verzoek behandeld op 22 juni 2021 en vastgesteld dat het wrakingsverzoek niet ontvankelijk is omdat het pas na de einduitspraak is ingediend. Volgens artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter alleen worden gewraakt zolang deze nog betrokken is bij de behandeling van de zaak. Na een einduitspraak is wraking niet meer mogelijk.
Verzoeker had bezwaar tegen de beslissing van de rechter en vond de termijn van vijf dagen om hoger beroep in te stellen te kort. De wrakingskamer oordeelde echter dat dit geen grond is voor wraking. De beslissing van de wrakingskamer is onherroepelijk en er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in het wrakingsverzoek omdat het na een einduitspraak is ingediend.