ECLI:NL:RBMNE:2021:2969
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na toekenning Wajong-uitkering na bezwaar
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) om geen Wajong-uitkering toe te kennen. Na een eerste besluit op bezwaar dat het bezwaar ongegrond verklaarde, heeft het UWV een nieuw besluit genomen waarin het eerdere besluit werd ingetrokken en de Wajong-uitkering alsnog werd toegekend.
Naar aanleiding hiervan heeft verzoeker zijn beroep bij de rechtbank ingetrokken en een vergoeding voor proceskosten gevraagd. De rechtbank oordeelt dat, aangezien het bestuursorgaan geheel aan verzoeker tegemoet is gekomen door het bezwaar gegrond te verklaren, het UWV de proceskosten moet vergoeden.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €534,- voor de beroepsmatige rechtsbijstand en veroordeelt het UWV tot betaling hiervan. Tevens moet het UWV het betaalde griffierecht van €49,- terugbetalen aan verzoeker. De uitspraak is gedaan zonder zitting, op basis van de schriftelijke stukken.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €534,- proceskosten en terugbetaling van €49,- griffierecht aan verzoeker.