ECLI:NL:RBMNE:2021:3112

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
29 juni 2021
Publicatiedatum
14 juli 2021
Zaaknummer
C/16/522879 / JL RK 21-407
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:255 BWArt. 1:265b BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing minderjarige wegens gedragsproblemen en gebrek passende behandelplek

De zaak betreft de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige geboren in 2003. De minderjarige vertoont aanhoudend probleemgedrag en is na eerdere behandeltrajecten en tijdelijke plaatsingen teruggevallen in oud gedrag, waardoor haar ontwikkeling naar volwassenheid ernstig wordt bedreigd.

De gecertificeerde instelling (GI) verzoekt om verlenging van de ondertoezichtstelling tot aan de meerderjarigheid van de minderjarige en machtiging tot uithuisplaatsing in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder. Ondanks inspanningen is het niet gelukt om een passende behandelplek te vinden, wat de noodzaak van verlenging en uithuisplaatsing onderstreept.

De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria van artikel 1:255 en Pro 1:265b BW is voldaan. De ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing worden verlengd tot 19 november 2021. De GI wordt opgeroepen zich in te blijven zetten voor een passende vervolgplek waar de minderjarige kan werken aan zelfstandigheid. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten.

Uitkomst: De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling en machtigt de uithuisplaatsing van de minderjarige tot 19 november 2021.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Lelystad
Zaaknummer: C/16/522879 / JL RK 21-407
Datum uitspraak: 29 juni 2021
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing
in de zaak van

SAMEN VEILIG MIDDEN-NEDERLAND,

locatie [plaatsnaam 1] , hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (GI),
betreffende

[naam mindejarige] , geboren op [geboortedatum] 2003 te [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: [voornaam van minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[belanghebbende 1] ,

hierna te noemen: de moeder,
wonende op voor de rechtbank bekend adres,

[belanghebbende 2] ,

hierna te noemen: de vader,
wonende te [woonplaats] .

Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoek met bijlagen van de GI van 7 juni 2021, ingekomen bij de griffie op 8 juni 2021;
- een brief van de GI 8 juni 2021, ingekomen bij de griffie op 8 juni 2021.
Op 29 juni 2021 heeft de kinderrechter de zaak tijdens de mondelinge behandeling met gesloten deuren behandeld.
Verschenen zijn:
- [voornaam van minderjarige] ;
- de vader;
- de moeder;
- meneer [A] namens de GI.

De feiten

Het ouderlijk gezag over [voornaam van minderjarige] wordt uitgeoefend door de ouders.
[voornaam van minderjarige] woont bij de moeder.
Bij beschikking van 1 juli 2021 is [voornaam van minderjarige] onder toezicht gesteld tot 2 juli 2021. Ook is bij deze beschikking de machtiging uithuisplaatsing verlengd van [voornaam van minderjarige] verlengd voor de duur van de ondertoezichtstelling.

Het verzoek

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [voornaam van minderjarige] te verlengen tot aan haar meerderjarigheid.
Tevens wordt de uithuisplaatsing van [voornaam van minderjarige] verzocht voor de duur van de ondertoezichtstelling in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder. De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

De beoordeling

Op basis van de stukken en de mondelinge behandeling is de kinderrechter van oordeel dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW). Ook is de uithuisplaatsing van [voornaam van minderjarige] noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding (artikel 1:265b, eerste lid, BW). De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling van [voornaam van minderjarige] verlengen tot aan haar meerderjarigheid. Ook zal de kinderrechter een machtiging uithuisplaatsing verlenen tot aan haar meerderjarigheid. De kinderrechter zal hieronder uitleggen waarom hij deze beslissing heeft genomen.
Uit de stukken en behandeling ter zitting komt naar voren dat er nog altijd grote zorgen zijn over de ontwikkeling van [voornaam van minderjarige] naar volwassenheid. [voornaam van minderjarige] is na verblijf op een behandelgroep bij [instelling 1] te [plaatsnaam 2] en een positieve ontwikkeling aldaar in januari 2021 tijdelijk bij vader geplaatst, omdat zij ging starten op het [.] te [plaatsnaam 3] en de reisafstand te groot was. Dit in afwachting van een plaatsing op een zelfstandigheidstraining bij [instelling 2] . De plaatsing bij vader is niet goed verlopen en [voornaam van minderjarige] is bij moeder gaan wonen. Bij moeder is [voornaam van minderjarige] snel afgegleden in oud gedrag. [voornaam van minderjarige] is zeer kwetsbaar gebleken. Zij laat aanhoudend probleemgedrag zien en het gaat niet goed met haar. Ouders zijn ter zitting duidelijk dat [voornaam van minderjarige] niet bij één van hen kan wonen op de lange termijn. [voornaam van minderjarige] zal daarom geplaatst worden op een plek waar zij kan werken aan zelfstandigheid. Ondanks deze beoogde plaatsing is [voornaam van minderjarige] nog altijd niet geplaatst op een passende plek. De GI en ouders hebben in de afgelopen periode er alles aan gedaan om [voornaam van minderjarige] op een passende plek te krijgen bij [instelling 2] . Dit is ondanks alle inspanningen en interventies niet gelukt. Alles bij elkaar nemend, is de kinderrechter van oordeel dat gezien de toenemende gedragsproblemen van [voornaam van minderjarige] en het tot nu toe uitblijven van een passende woonplek (ook voor na haar achttiende jaar) een verlenging van de maatregelen noodzakelijk is. [voornaam van minderjarige] heeft de gedwongen hulpverlening nodig. De kinderrechter vindt het van groot belang dat de GI zich blijft inzetten om [voornaam van minderjarige] te plaatsen op een passende vervolgplek waar zij kan werken aan haar zelfstandigheid.

De beslissing

De kinderrechter:
verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam van minderjarige] tot 19 november 2021;
verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam van minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder met ingang van 2 juli 2021 tot 19 november 2021;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 29 juni 2021 door mr. P.K. Nihot, kinderrechter, in tegenwoordigheid van M.D. Lodewijk, als griffier.
Deze beslissing is schriftelijk vastgesteld op
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden.