Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
thans verblijvende [verblijfplaats] te [plaatsnaam] ,
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 2 februari 2021 uitspraak gedaan in een ontnemingszaak tegen verdachte, die eerder was veroordeeld voor mensenhandel in de periode van 4 augustus 2018 tot en met 29 juni 2020.
De ontnemingsvordering betrof het bedrag dat verdachte wederrechtelijk had verkregen door het strafbare feit. De officier van justitie stelde het voordeel vast op €39.660, gebaseerd op het ontnemingsrapport en bankoverschrijvingen van het slachtoffer naar verdachte, verminderd met een terugbetaling van €603 door verdachte aan het slachtoffer.
De rechtbank bevestigde deze berekening en legde aan verdachte de verplichting op om dit bedrag aan de Staat te betalen. Tevens werd de duur van gijzeling vastgesteld op maximaal drie jaar conform artikel 6:6:25 Sv Pro.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer onder voorzitterschap van D. Riani el Achhab, met medewerking van de rechters A.J.P. Schotman en R.L.M. van Opstal.
Uitkomst: Verdachte is verplicht €39.660 aan de Staat te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.