ECLI:NL:RBMNE:2021:3244
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot proceskostenvergoeding na intrekking last onder dwangsom wegens gebreken aan pand
Verzoekster werd door het college van burgemeester en wethouders van Utrecht gelast om een geconstateerd gebrek aan een pand te herstellen, onder verbeurte van een dwangsom. Na bezwaar verklaarde het college het besluit ongegrond, waarna verzoekster beroep instelde bij de rechtbank.
Het college trok het bestreden besluit later in, omdat verzoekster aannemelijk had gemaakt dat de betreffende brandslanghaspels binnen de gestelde termijn waren gekeurd. Naar aanleiding hiervan trok verzoekster het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat het college aan het beroep tegemoet was gekomen en wees het verzoek tot proceskostenvergoeding toe. De proceskosten werden vastgesteld op € 534,-, exclusief het griffierecht dat verzoekster rechtstreeks bij het college kan verhalen.
De uitspraak werd gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt op 30 juni 2021. De rechter was verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht is veroordeeld tot vergoeding van € 534,- aan proceskosten aan verzoekster.