Eiser, die lijdt aan paranoïde schizofrenie en in behandeling is bij GGZ Centraal, vroeg urgentie voor een zelfstandige woning. Verweerder wees dit af omdat eiser niet aan alle voorwaarden van de Huisvestingsverordening voldeed en niet op passend woningaanbod reageerde.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht concludeerde dat eiser niet alles had gedaan om zijn woonprobleem op te lossen. Echter heeft verweerder onvoldoende onderzocht en gemotiveerd waarom de hardheidsclausule niet toegepast wordt, terwijl de medische problematiek en de relatie met de woonsituatie ernstig lijken.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen acht weken een nieuw besluit te nemen, waarbij nader medisch advies moet worden ingewonnen. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan eiser vergoed.