ECLI:NL:RBMNE:2021:3760
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond op besluit over niet-duurzame volledige arbeidsongeschiktheid
Eiseres is sinds 12 november 2014 ziekgemeld en ontvangt sinds 25 november 2016 een WIA-uitkering wegens 73,76% arbeidsongeschiktheid. Vanaf 14 juni 2019 is zij volledig (80-100%) arbeidsongeschikt, maar niet duurzaam. Op 28 januari 2020 meldde zij een verslechtering van haar gezondheid. Verweerder besloot op 16 maart 2020 dat de WIA-uitkering niet wijzigt en verklaarde op 19 oktober 2020 de bezwaren van eiseres en haar ex-werkgever ongegrond.
Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank hield op 17 juni 2021 een zitting via Skype waarbij alle partijen aanwezig waren. De medische stukken werden met inachtneming van privacyregels aan de arts-gemachtigde van de ex-werkgever verstrekt. De kern van het geschil betrof de vraag of eiseres duurzaam volledig arbeidsongeschikt is.
De rechtbank oordeelde dat de rapportage van de verzekeringsarts bezwaar en beroep aan de vereiste voorwaarden voldeed: deze was zorgvuldig, consistent en begrijpelijk. Eiseres en haar gemachtigde konden geen overtuigend bewijs leveren dat de medische beoordeling onjuist was. De rechtbank volgde de verzekeringsarts in de verwachting dat de ingezette behandelingen, waaronder EMDR en longrevalidatie, mogelijk tot verbetering van de belastbaarheid kunnen leiden. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-duurzame volledige arbeidsongeschiktheid blijft gehandhaafd.