ECLI:NL:RBMNE:2021:3761
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op Ziektewet-uitkering na arbeidsongeschiktheid en medische beperkingen
Eiseres, werkzaam als sociaal pedagogisch medewerker, meldde zich ziek en na beëindiging van haar dienstverband vond een Eerstejaars Ziektewet-beoordeling plaats. Verweerder besloot dat zij per 25 november 2019 geen recht meer had op een Ziektewet-uitkering omdat zij meer dan 65% van haar oude loon kon verdienen. Eiseres voerde aan dat de medische beoordeling onzorgvuldig was, onder meer vanwege het ontbreken van een fysiek onderzoek en het niet inschakelen van een psycholoog.
De rechtbank oordeelde dat de medische rapportages voldeden aan de vereiste voorwaarden: ze waren zorgvuldig, eenduidig en begrijpelijk. De telefonische hoorzitting was gerechtvaardigd en er was geen bewijs dat de medische beperkingen van eiseres waren onderschat. De rechtbank verwierp ook het verzoek om een onafhankelijke deskundige in te schakelen, omdat de medische beoordeling voldoende was onderbouwd en alle relevante informatie was betrokken.
De arbeidskundige beoordeling werd eveneens als juist beoordeeld, waarbij de functies passend werden geacht. Het beroep van eiseres werd daarom ongegrond verklaard en het besluit van verweerder bevestigd dat zij geen recht meer heeft op de Ziektewet-uitkering vanaf 25 november 2019.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de Ziektewet-uitkering bevestigd.