ECLI:NL:RBMNE:2021:3836
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing visumaanvraag kort verblijf wegens bedreiging volksgezondheid tijdens coronapandemie
Eiseres, met de Tanzaniaanse nationaliteit, heeft een visum kort verblijf aangevraagd voor familiebezoek in Nederland. De minister van Buitenlandse Zaken heeft deze aanvraag op 17 februari 2020 afgewezen wegens onvoldoende aantoonbare verblijfomstandigheden en twijfel over het vertrek voor het verstrijken van het visum. Bij het bestreden besluit van 1 mei 2020 werd dit besluit gehandhaafd en werd als extra grond toegevoegd dat eiseres vanwege de coronapandemie een bedreiging van de volksgezondheid vormt.
Eiseres stelde in beroep dat zij niet gehoord was over de eerste twee afwijzingsgronden, wat volgens haar een schending van de hoorplicht betekende. De rechtbank oordeelde echter dat de afwijzingsgrond vanwege de bedreiging van de volksgezondheid op zichzelf voldoende was voor afwijzing, waardoor de andere gronden niet besproken hoefden te worden.
De rechtbank concludeerde dat verweerder geen hoorplicht had ten aanzien van de coronagerelateerde afwijzingsgrond, omdat er geen aanknopingspunten waren om eiseres hierover te horen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de visumaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege bedreiging van de volksgezondheid.