ECLI:NL:RBMNE:2021:4055
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen beëindiging WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Eiseres ontvangt sinds 7 juni 2014 een WIA-uitkering. Na een herbeoordeling op verzoek van haar voormalig werkgever heeft het UWV op 26 maart 2020 besloten haar uitkering per 27 mei 2020 te beëindigen omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn.
Eiseres maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze beslissing. Zij voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig en onvolledig was en dat haar psychische en lichamelijke klachten onvoldoende waren meegewogen. De rechtbank oordeelt dat het onderzoek door de verzekeringsarts bezwaar en beroep zorgvuldig is uitgevoerd, mede op basis van dossiergegevens en medische informatie van behandelaars.
De rechtbank stelt dat het medisch oordeel van de verzekeringsarts bezwaar en beroep niet onjuist is, ondanks de door eiseres ingediende aanvullende medische informatie die betrekking heeft op een latere periode. Ook zijn de geduide functies passend bij haar belastbaarheid volgens de arbeidsdeskundige.
Een verzoek tot aanstelling van een onafhankelijke deskundige wordt afgewezen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.