Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding van 3 september 2021 met producties 1 tot en met 9 van [eiser] ;
- een e-mail van 6 september 2021 waarbij mr. Van Lunen zich stelt voor gedaagden;
- de producties 1a tot en met 1f van gedaagden;
- de e-mail van [eiser] van 8 september 2021;
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Bijgaand doen wij jullie de door ons aangepaste c.q. gecompleteerde samenvatting van de koopovereenkomst toekomen. Dit inzake de aankoop van object gelegen aan de [adres] te [plaatsnaam] . Wanneer jullie je hierin kunnen vinden dan zien wij graag een getekend en geparafeerd exemplaar tegemoet, waarna wij deze zullen medeondertekenen.”.
Zoals wij overeen zijn gekomen voor de aankoop van de locatie [adres] in [plaatsnaam] zijn we momenteel bezig om een bedrijf komende week een verkennend bodemonderzoek te laten uitvoeren.” legt in dit verband onvoldoende gewicht in de schaal. Hoewel het op basis hiervan aannemelijk is dat [eiser] en [C] met elkaar in onderhandeling zijn (geweest) over de (ver)koop van het object, kan hieruit niet de conclusie worden getrokken dat er reeds een koop(overeenkomst) met betrekking tot het object tot stand is gekomen. In deze e-mail worden immers “
overeen zijn gekomen” met name gebruikt in verband met het voorgenomen bodemonderzoek en niet (zonder meer) op een al gesloten koopovereenkomst.
Zoals aangegeven begeleiden wij de heer [eiser] voor wat betreft de verhuur maar hebben wij recent ook een formele verkoopopdracht gekregen. Wij zijn op dit moment, (…), in vergevorderde voorbereiding voor verkoop”. Daarnaast heeft [eiser] bij de dagvaarding een proces-verbaal van aangifte ter zake huisvredebreuk gevoegd. De aangifte is op 2 september 2021 door de zoon van [eiser] , die meewerkt in het bedrijf van [eiser] , gedaan. Uit het proces-verbaal volgt dat de zoon, onder meer, heeft verklaard
“Wij hebben plannen om het pand te verhuren of mogelijk te verkopen. Maar de koper heeft zich op dit moment teruggetrokken door de krakers”.De inhoud van deze verklaringen rijmt niet met het standpunt van [eiser] dat het object reeds op 26 juli 2021 is verkocht. Hoewel voorstelbaar is dat [eiser] , zoals hij ter zitting heeft aangevoerd, de makelaar nog niet heeft geïnformeerd over een koop buiten deze makelaar om, vindt de voorzieningenrechter het – zonder nadere en onderbouwde toelichting – niet aannemelijk dat wanneer het object op 26 juli 2021 reeds is verkocht, [eiser] ook zijn gemachtigde hier niet over heeft geïnformeerd en (zijn zoon) ook bij de aangifte bij de politie niet heeft gemeld dat het object is verkocht. Deze informatie zou hem immers kunnen baten. Ook de stelling van [eiser] dat hij de verkoopopdracht al voor 26 juli 2021 aan de makelaar heeft gegeven, terwijl de makelaar op 1 september 2021 schrijft dat hij de verkoopopdracht recent heeft gekregen, is naar het oordeel van de voorzieningenrechter – zonder nadere toelichting en onderbouwing – niet aannemelijk.
niet convenieert’. Dit betekent dat, als er al een koopovereenkomst tot stand is gekomen, [C] deze kan ontbinden indien uit het (nog) uit te voeren onderzoek blijkt van vervuiling, die hem “
niet convenieert”. De stelling van [eiser] , dat de uitkomst van het bodemonderzoek hooguit van invloed zal zijn op de koopprijs en hoe dan ook geen dealbreaker zal zijn, is door [eiser] in zijn geheel niet onderbouwd, zodat dit niet aannemelijk is geworden.
Nu is me dit weekend opgevallen dat er vreemde mensen lopen op het terrein. (…)Ik wil dat deze mensen het terrein verlaten of ik zal elders een deel van mijn bussen moeten gaan plaatsen. Ik kan geen risico nemen. Beteken mochten de mensen niet verdwijnen we minder gaan huren. (…)”[bedrijfsnaam 2] schrijft hierin, voor zover relevant
:“(…) Er is ons opgevallen dat er vreemde mensen lopen op het terrein. Er staat nu voor ongeveer € 800.000,- aan waarde van mobiele hijskranen geparkeerd. Onze plannen om dit uit te breiden gaan we per direct herzien. Tevens willen wij dat deze mensen het terrein direct verlaten of wij moeten op korte termijn onze hijskranen van een nieuwe locatie voorzien. Wij kunnen hierin geen risico nemen. (…)”
1.016,00