Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van
23 september 2021 in de zaak tussen
[verzoeker] , te [woonplaats] ,
(gemachtigde: mr. drs. H. Maaijen).
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een voorlopige voorziening tegen de verleende omgevingsvergunning voor het plaatsen van een extra verdieping op een woning. Verzoeker, de buurman van de vergunninghouder, maakte bezwaar tegen deze vergunning om te voorkomen dat de bouw al zou starten tijdens de bezwaarprocedure.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het bouwplan mogelijk in strijd is met het bestemmingsplan omdat de bouwhoogte hoger wordt dan toegestaan. Verweerder moet daarom niet alleen de vergunning voor bouwen beoordelen, maar ook de vergunning voor het gebruik in strijd met het bestemmingsplan, inclusief een belangenafweging.
Omdat de uitkomst van de bezwaarprocedure nog openligt en de vergunninghouder nog niet is begonnen met bouwen, wordt het bestreden besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan verzoeker vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar en het griffierecht wordt aan verzoeker vergoed.