Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De verdere procedure
2.De verdere beoordeling
37,00(1 punt x tarief € 37,00)
.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of tussen partijen een verzekeringsovereenkomst bestond en of aan de informatieverplichtingen onder de Wet financieel toezicht (Wft) was voldaan. De kantonrechter kwalificeerde de Wegenwacht Service als verzekeringsovereenkomst, waarbij het lidmaatschap en directe pechhulp als onlosmakelijk verbonden onderdelen werden beschouwd.
De eisende partij stelde dat zij aan haar precontractuele en contractuele informatieverplichtingen had voldaan, onder meer door het overleggen van een belscript, tarievenlijst, bevestigingsbrief, factuur en polisvoorwaarden. De kantonrechter oordeelde dat deze informatie voldoende en tijdig was verstrekt, ook al was niet alle informatie voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst gegeven.
De gedaagde had de overeenkomst beëindigd zonder de openstaande premie te voldoen. De kantonrechter veroordeelde de gedaagde tot betaling van de openstaande premie, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. Tevens werd de gedaagde veroordeeld in de proceskosten. De kantonrechter waarschuwde de eisende partij voortaan te voldoen aan de vereisten van artikelen 21 en 111 Rv bij dagvaardingen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van premie, wettelijke rente en incassokosten wegens niet-nakoming van verzekeringsovereenkomst.