ECLI:NL:RBMNE:2021:4918

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
16 augustus 2021
Publicatiedatum
13 oktober 2021
Zaaknummer
UTR 21/2685
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen op bezwaar gemeente Utrecht

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van het college van burgemeester en wethouders van Utrecht op zijn bezwaar. Dit beroep volgt op een eerdere uitspraak van de rechtbank van 28 januari 2021, waarin de gemeente werd opgedragen binnen twee weken opnieuw te beslissen op het bezwaar.

De rechtbank constateert dat de termijn van twee weken op 12 februari 2021 is verstreken zonder dat de gemeente een besluit heeft genomen. Omdat er reeds een dwangsom van € 15.000,- loopt als gevolg van de eerdere uitspraak, kan eiser niet in een gunstiger positie komen door dit beroep.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen proceskostenvergoeding toegekend. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid om een nieuw beroep in te dienen indien de volledige dwangsom is volgelopen.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/2685

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 augustus 2021 in de zaak tussen

[eiser] , te [plaats] , eiser,

(gemachtigde: mr. M.M. Breukers),
en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend na de uitspraak van de rechtbank van 28 januari 2021 met zaaknummer UTR 20/4127. In die uitspraak staat dat verweerder binnen twee weken opnieuw moet beslissen op het bezwaar van eiser. Eiser stelt nu beroep in omdat verweerder dat niet heeft gedaan.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. De rechtbank stelt vast dat de bij uitspraak van 28 januari 2021 opgedragen termijn van twee weken is op 12 februari 2021 verstreken en dat verweerder nog steeds geen besluit heeft genomen op het bezwaar van eiser.
3. Gelet op het feit dat er op het moment dat eiser dit beroep heeft ingesteld reeds een dwangsom loopt als het gevolg van de eerdere uitspraak van 28 januari 2021 door deze rechtbank, kan eiser redelijkerwijs niet in een gunstiger positie komen en is dit beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit door verweerder, niet-ontvankelijk. Indien de volledige dwangsom van € 15.000,- is volgelopen, staat het eiser vrij een nieuw beroep tegen het niet tijdig beslissen in te dienen.
4. Het beroep van eiser is niet-ontvankelijk.
5. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Moed, rechter, in aanwezigheid van
K.F.K. Hoogbruin, griffier
.De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op
16 augustus 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.