ECLI:NL:RBMNE:2021:5019
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-betaling griffierecht
De rechtbank Midden-Nederland behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De voorzieningenrechter besloot zonder zitting omdat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk was.
De kern van het geschil betrof het niet betalen van het griffierecht van €181,-, dat volgens artikel 8:82 Awb Pro verplicht is bij een verzoek om voorlopige voorziening. De rechtbank stuurde meerdere aanmaningen aan de gemachtigde van verzoeker, waaronder aangetekende brieven en gewone post, maar deze bleken onbestelbaar retour te komen of werden niet betaald.
Omdat verzoeker geen geldige reden gaf voor het uitblijven van betaling, kon de rechtbank het verzoek niet inhoudelijk behandelen. Op grond van artikel 8:54 Awb Pro verklaarde de rechtbank het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.