Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verdere verloop van de procedure
2.Waar gaat het over?
3.Wat de kantonrechter ervan vindt
372,00(3 punten x tarief € 124,00)
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een vordering van Goudse Schadeverzekeringen tegen [gedaagde] tot betaling van premie voor een WA-autoverzekering van april tot november 2019. [gedaagde] ontkent de overeenkomst te hebben gesloten en stelt dat de auto in augustus 2019 naar Marokko is afgevoerd en gesloopt, waardoor de verzekering vervalt.
De kantonrechter oordeelt dat de verzekeringsovereenkomst wel is gesloten op basis van een digitaal aanvraagformulier en dat [gedaagde] onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet verzekerd was in de periode april tot juni 2019. De dubbele verzekering in juni-augustus 2019 is voor zijn eigen risico.
De verzekering vervalt een maand na overdracht van de auto aan een derde en sloop, waarbij 7 september 2019 als einddatum wordt aangenomen. De kantonrechter wijst de gevorderde premie toe tot die datum, maar wijst de buitengerechtelijke kosten af wegens gebrek aan specificatie. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 30 januari 2020. [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van €412,40 plus rente en proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde moet vier maanden premie betalen tot 7 september 2019 plus wettelijke rente en proceskosten.