Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[gedaagde sub 1] ,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
spoedeisendheid
enige onderneming met activiteiten die gelijk, gelijksoortig, aanverwant of openig andere wijze concurrerend zijn aan of met de activiteiten van werkgever of die van met werkgever gelieerde ondernemingen, hieronder onder meer begrepen het financieel of op andere wijze deelnemen aan en/of het hebben van directe of indirecte zeggenschap over een dergelijke onderneming.”
747,--