Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 11 november 2021 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2] ;
Centraal Orgaan opvang asielzoekers(COA), gevestigd in ’s-Gravenhage,
Rechtbank Midden-Nederland
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) vroeg een onttrekkingsvergunning aan voor het huisvesten van 16 tot 20 alleenstaande minderjarige asielzoekers in een woning in Utrecht. Het college van burgemeester en wethouders verleende de vergunning voor tien jaar, waarna omwonenden bezwaar maakten en vervolgens beroep instelden tegen het besluit.
De rechtbank oordeelt dat het college voldoende communicatie en inspraak heeft geboden aan de omwonenden en dat de vergunning terecht als tijdelijk is aangemerkt. De koppeling tussen onttrekkings- en omgevingsvergunning is niet verplicht, en de belangenafweging waarbij het belang van opvang zwaarder werd gewogen dan het behoud van woonruimte is redelijk.
Verder is geen sprake van omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte, waardoor de minimale gebruiksoppervlakte niet van toepassing is. De leefbaarheidstoets is adequaat uitgevoerd, waarbij de commissie concludeerde dat het woon- en leefklimaat niet onevenredig wordt aangetast. De rechtbank vindt geen aanleiding om de vergunning te weigeren of in te trekken en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van omwonenden tegen de onttrekkingsvergunning wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college blijft in stand.