ECLI:NL:RBMNE:2021:5654
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot omgangsregeling bij ondercuratelestelling afgewezen wegens ontbreken wettelijke grondslag
De zaak betreft een verzoek van een persoon (verzoeker) die contact wil onderhouden met een meerderjarige onder curatele, [A], en een omgangsregeling wil treffen. [A] is onder curatele gesteld wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand. Verzoeker heeft geen ouderlijk gezag en heeft [A] niet erkend, maar stelt dat er sprake is van family life en dat omgang alleen ontzegd mag worden bij zwaarwegende belangen.
De kantonrechter heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld en geconcludeerd dat de wet geen mogelijkheid biedt aan derden om via de kantonrechter toestemming te vragen voor contact of bezoekregelingen met een meerderjarige onder curatele. Ook is niet voldaan aan de voorwaarden voor het verzoek tot ontslag van de curator, waarvoor verzoeker bovendien niet-ontvankelijk is.
Het verzoek wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard. De kantonrechter benadrukt dat de curator en de instelling verantwoordelijk zijn voor de zorg en begeleiding van [A], en dat de kantonrechter geen bevoegdheid heeft om in deze zaken opdrachten te geven of toestemming te verlenen aan derden.
Uitkomst: Verzoek tot omgangsregeling en contact met meerderjarige onder curatele wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken wettelijke grondslag.