ECLI:NL:RBMNE:2021:5784
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen rechtbank wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechtbank in een bestuursrechtelijke zaak vanwege vermeende vooringenomenheid, omdat de rechtbank meerdere malen had verzuimd te beslissen en vervolgens alsnog een besluit in behandeling nam.
De wrakingskamer oordeelde dat een wrakingsverzoek uitsluitend kan worden gericht tegen een individuele rechter die de zaak behandelt, en niet tegen het gehele rechtscollege. Aangezien de zaak nog niet aan een rechter was toegewezen, kon het verzoek niet ontvankelijk worden verklaard.
De griffiersbrief waarin om een reactie werd gevraagd op het bestuursorgaanbesluit werd als een gebruikelijke procedurele stap gezien en vormde geen grond voor wraking. De wrakingskamer verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk en bepaalde dat de procedure in de oorspronkelijke stand wordt voortgezet.
De beslissing werd genomen door een meervoudige wrakingskamer en is onherroepelijk.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van toegewezen rechter en onmogelijkheid tot wraking van gehele rechtbank.