De rechtbank Midden-Nederland heeft op 29 november 2021 een vrouw uit Utrecht veroordeeld voor medeplegen van oplichting. Zij en een mededader hebben tussen 1 februari 2016 en 26 juni 2017 het slachtoffer via een website benaderd met valse namen en identiteiten. Door het slachtoffer te misleiden met verhalen over gedwongen prostitutie, grote schulden en de mogelijkheid om haar vrij te kopen, wisten zij ruim €47.000 te verkrijgen.
De verdachte heeft bij de rechter-commissaris bekend en heeft geen vrijspraak bepleit. De rechtbank acht het bewezen dat zij met opzet en bedrog het slachtoffer tot meerdere betalingen heeft bewogen. De rechtbank heeft rekening gehouden met de ernst van het feit, de kwetsbaarheid van het slachtoffer en het feit dat het slachtoffer grote schulden is aangegaan en bezittingen heeft verkocht.
Hoewel de officier van justitie een gevangenisstraf van vier maanden vorderde, legde de rechtbank een taakstraf van 200 uur op vanwege de overschrijding van de redelijke termijn en het blanco strafblad van de verdachte. Daarnaast is verdachte hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor de materiële schade van €47.000, vermeerderd met wettelijke rente, met een aanvullende gijzelingsmaatregel bij niet-betaling.
De rechtbank wees een deel van de schadevordering af dat betrekking had op schade aan een woning met hennepkwekerij, omdat het causaal verband met de oplichting ontbrak. De verdachte is veroordeeld tot het betalen van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en nog zal maken voor de tenuitvoerlegging van het vonnis.