ECLI:NL:RBMNE:2021:5970
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning legalisatie kamerbewoning in bovenwoning binnenplanse afwijkingsbevoegdheid
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft de omgevingsvergunning voor het legaliseren van kamerbewoning in een bovenwoning in de wijk [wijk]. De bewonersvereniging Oosterspoorplein en omgeving betwistte de vergunningverlening door het college van burgemeester en wethouders van Hilversum, stellende dat de vergunning in strijd is met het bestemmingsplan en nadelige gevolgen heeft voor de leefbaarheid.
De rechtbank oordeelt dat de bewonersvereniging belanghebbende is en toetst de vergunning aan de binnenplanse afwijkingsbevoegdheid uit het bestemmingsplan “Regeling meervoudige bewoning”. De toetsing richt zich op de voorwaarden omtrent parkeren, woongenot en gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden, en het voorkomen van overconcentratie van meervoudige bewoning.
De rechtbank stelt vast dat de parkeereis is nageleefd, het woongenot en gebruik van aangrenzende gronden niet onevenredig worden aangetast, en dat geen sprake is van overconcentratie op basis van het buurtquotum. Ook de belangenafweging is naar het oordeel van de rechtbank zorgvuldig en niet onredelijk. De overige beroepsgronden slagen niet.
De rechtbank concludeert dat het college de omgevingsvergunning in redelijkheid heeft kunnen verlenen en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de bewonersvereniging wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft in stand.