ECLI:NL:RBMNE:2021:6229
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens te late aanvraag zorgtoeslag over 2015-2017
Eiser heeft zorgtoeslag aangevraagd over de jaren 2015, 2016 en 2017, maar deze aanvragen zijn te laat ingediend. De zorgtoeslag moest volgens de wet vóór respectievelijk 1 september 2016, 1 september 2017 en 1 september 2018 worden aangevraagd. Eiser diende pas in 2018 en 2020 aanvragen in, die door verweerder zijn afgewezen.
Eiser voerde aan dat hij in de betreffende jaren in Nederland heeft gewerkt en geen zorgtoeslag of vakantietoeslag heeft ontvangen. De rechtbank stelt echter vast dat de aanvraagtermijnen dwingend zijn en dat de wet geen mogelijkheid biedt om na de uiterste datum alsnog zorgtoeslag toe te kennen.
De rechtbank volgt het standpunt van verweerder dat de inkomensafhankelijke regelingen bedoeld zijn als tegemoetkoming in actuele kosten en dat de uiterste aanvraagtermijnen niet kunnen worden overschreden, ook niet op grond van eerdere rechtspraak van de hoogste bestuursrechter.
Het feit dat eiser niet eerder op de hoogte was van de mogelijkheid tot aanvraag kan niet leiden tot een andere uitkomst. Omdat de aanvragen te laat zijn ingediend, is het niet relevant of een tijdige aanvraag succesvol zou zijn geweest.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens te late aanvraag van zorgtoeslag over 2015-2017.