ECLI:NL:RBMNE:2021:6336
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht en ontbreken besluit
Verzoekers hebben op 30 november 2021 een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de rechtbank Midden-Nederland. De voorzieningenrechter heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting omdat het verzoekschrift niet aan de wettelijke eisen voldeed, waardoor inhoudelijke behandeling niet mogelijk was.
Volgens artikel 8:82 Awb Pro moet griffierecht worden betaald bij een verzoek om voorlopige voorziening. Verzoekers zijn hierop gewezen middels een aangetekende brief van 2 december 2021, maar hebben het griffierecht niet tijdig voldaan en geen geldige reden opgegeven. Daarnaast is geen kopie van het besluit waartegen het verzoek zich richt, ingediend, terwijl dit volgens artikel 6:5 en Pro 8:81 Awb verplicht is. De griffier heeft hierop op 15 december 2021 een herinnering gestuurd, waarop geen reactie kwam.
De voorzieningenrechter concludeert dat het verzoek niet-ontvankelijk is op grond van artikel 8:83 Awb Pro en zal het verzoek niet inhoudelijk behandelen. Er is geen aanleiding voor een vergoeding. De uitspraak is gedaan op 28 december 2021 door voorzieningenrechter R.J.A. Schaaf.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht en ontbreken van het besluit.