ECLI:NL:RBMNE:2021:6586

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
29 november 2021
Publicatiedatum
2 februari 2022
Zaaknummer
UTR 21/2646
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:7 AwbArt. 6:8 AwbArt. 3:41 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond wegens niet tijdig indienen bezwaarschrift tegen besluit gemeente Almere

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, genomen op 4 mei 2021. Het bezwaar was echter niet tijdig ingediend; het bezwaarschrift had uiterlijk op 24 maart 2021 ontvangen moeten zijn, maar werd pas op 1 april 2021 ontvangen.

Eiseres voerde aan dat zij door overweldiging en gebrek aan overzicht niet eerder bezwaar kon maken en pas met hulp het bezwaarschrift kon indienen. De rechtbank erkent de moeilijke situatie, maar oordeelt dat dit geen geldige reden is voor het te laat indienen. Het is immers de verantwoordelijkheid van eiseres om tijdig bezwaar te maken of dit door een ander te laten doen.

De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift is een fatale termijn, die niet kan worden verlengd zonder verschoonbare omstandigheden. Omdat deze niet zijn aangetoond, verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige indiening van het bezwaarschrift.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/2646

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 november 2021 in de zaak tussen

[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres,

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen het besluit van verweerder van
4 mei 2021.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Een bezwaarschrift moet worden ingediend binnen zes weken nadat het besluit bekend is gemaakt (artikelen 6:7 en 6:8 van de Awb).
3. In artikel 3:41 van Pro de Awb staat hoe dat bekendmaken gebeurt. In dit geval is het besluit bekendgemaakt op 10 februari 2021. Het bezwaarschrift had dus uiterlijk op
24 maart 2021 door verweerder ontvangen moeten zijn. Verweerder heeft het bezwaarschrift ontvangen op 1 april 2021. Dat is dus te laat. De hoofdregel is dan dat verweerder het bezwaar niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het bezwaarschrift te laat is ingediend. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
4. Eiseres zegt dat zij te laat was, omdat zij zich overweldigd voelde door alle informatie die op haar afkwam en zij moeite had het overzicht te bewaren en planmatig aan de slag te gaan. Pas toen eiseres hulp kreeg, lukte het haar om bezwaar in te dienen.
5. Hoewel de rechtbank begrip heeft voor de moeilijke situatie van eiseres, is dat volgens de rechtbank geen geldige reden. Het is de verantwoordelijkheid van eiseres om tijdig bezwaar in te dienen of, indien zij er zelf niet toe in staat is, dat voor haar te laten doen. Uit de omstandigheden die eiseres heeft aangevoerd, blijkt niet dat zij er niets aan heeft kunnen doen dat zij niet tijdig bezwaar heeft gemaakt. Dat eiseres (te) laat om hulp vroeg voor het indienen van een bezwaarschrift, komt voor rekening en risico van eiseres. Verder overweegt de rechtbank dat de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift een fatale termijn is. Dit betekent dat de duur van die termijn niet kan worden gewijzigd en dat het beroep zonder verschoonbare omstandigheden, zoals in dit geval, niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
6. Verweerder heeft dus terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is daarom kennelijk ongegrond.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.G.M. van Veen, rechter, in aanwezigheid van
J. Fagel, griffier. De beslissing is uitgesproken op 29 november 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.