ECLI:NL:RBMNE:2021:6935
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Rechter-commissaris beveelt voortzetting procedure in faillissement na geschil over informatiegebruik en regeling
In het faillissement van [onderneming 1] B.V., uitgesproken op 7 oktober 2014, ontstond een geschil tussen curatoren en de banken over de voortzetting van een procedure tegen [onderneming 2] en de uitvoering van een regeling. De procedure draait om de geldigheid van pandrechten en de vraag of [onderneming 2] wetenschap had van benadeling bij de management-buy-out.
Curatoren ontdekten via een e-mailstring dat de banken een tegenrapport hadden laten opstellen dat de proceskansen en kosten anders inschat dan eerder werd aangenomen. Curatoren stelden dat deze informatie gedeeld moest worden met schuldeisers en de rechtbank, terwijl de banken en [onderneming 2] dit betwistten. De curatoren wilden de regeling niet uitvoeren zolang deze informatie niet werd gedeeld.
De rechter-commissaris oordeelde dat curatoren verplicht zijn de informatie te delen en dat zij niet vrij zijn de regeling uit te voeren zonder volledige transparantie. Gezien de tuchtrechtelijke complicaties rond de advocaat van de curatoren, die de procedure niet kan voortzetten met de nieuwe informatie, werd besloten dat de procedure voortgezet moet worden. Het verzoek van de banken om curatoren te bevelen de regeling na te komen werd afgewezen.
Uitkomst: De rechter-commissaris beveelt de curatoren de procedure voort te zetten en wijst het verzoek van de banken om de regeling na te komen af.