Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 februari 2021 in de zaken tussen
[eiser 1] en [eiser 2], te [woonplaats], eisers,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder
[stichting] [huisnummer 1]-[huisnummer 2], te [woonplaats],
Inleiding
Waar gaan de bestreden besluiten over?
Het geschil
Bespreking van de beroepsgronden
Proceskosten
Beslissing
- verklaart de beroepen tegen de bestreden besluiten I en II gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit I voor zover daarin is beslist dat uit het verzoek om handhaving niet hoefde te worden opgemaakt dat het strekte tot het doen beëindigen van de door eisers ervaren overlast;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van dit vernietigde gedeelte van dit besluit in stand blijven;
- vernietigt het bestreden besluit I en het bestreden besluit II voor zover daarin onvoldoende en onvolledig is gemotiveerd dat een omzettingsvergunning op grond van de Huisvestingsverordening voor de woning aan de [straat] nr. [huisnummer 1] niet vereist is;
- draagt verweerder op nieuwe besluiten te nemen binnen acht weken na verzenddatum van deze uitspraak met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat verweerder de griffierechten in de beide zaken die eisers hebben betaald, totaal € 348,-, moet vergoeden;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 2.136,- aan proceskosten aan eisers.