ECLI:NL:RBMNE:2022:1124
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek om verlenging diplomatermijn studiefinanciering geneeskundestudie
Eiser is in 2014 gestart met een studie en ontving studiefinanciering, maar brak deze binnen een jaar af. In 2020 begon hij met de studie Geneeskunde, die zes jaar duurt, waardoor hij niet binnen de standaard diplomatermijn van tien jaar kan afstuderen. Hij verzocht om verlenging van deze termijn, maar de minister wees dit af omdat eiser niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden, waaronder het ontbreken van medische verklaringen van tijdelijke aard.
De rechtbank stelt vast dat de minister terecht oordeelde dat eiser niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 5.16 Wsf 2000, maar oordeelt ook dat de minister ten onrechte geen beoordeling heeft gemaakt of toepassing van de hardheidsclausule (artikel 11.5 Wsf 2000) op zijn situatie mogelijk is. De rechtbank benadrukt dat de minister deze beoordeling alsnog moet uitvoeren.
De rechtbank overweegt dat eiser bijzondere omstandigheden heeft gehad, zoals een gameverslaving en depressieve klachten, die niet binnen artikel 5.16 vallen maar wel een onbillijkheid van overwegende aard kunnen vormen. Eiser heeft inmiddels positieve studieresultaten en verwacht zijn studie binnen zes jaar af te ronden. Het vasthouden aan de diplomatermijn leidt tot onnodig nadelige gevolgen voor eiser en is maatschappelijk ongewenst. De minister moet binnen vier weken een nieuw besluit nemen over de toepassing van de hardheidsclausule.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit van de minister en draagt op binnen vier weken een nieuw besluit te nemen over de toepassing van de hardheidsclausule.