ECLI:NL:RBMNE:2022:113
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Eiser, voormalig chef werkplaats, vroeg een WIA-uitkering aan na een whiplash door een verkeersongeval. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Na bezwaar handhaafde verweerder dit besluit. De rechtbank behandelde het beroep waarbij eiser stelde dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en de beperkingen onderschat.
De rechtbank oordeelde dat de primaire verzekeringsarts eiser fysiek onderzocht had en dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep het dossier zorgvuldig had bestudeerd en een telefonische hoorzitting hield. Het afzien van een fysiek onderzoek door de arts bezwaar en beroep werd gemotiveerd vanwege de aard van de klachten (chronisch pijnsyndroom, SOLK) en werd als zorgvuldig beoordeeld.
Eiser kon zijn stellingen over ernstigere beperkingen niet met medische stukken onderbouwen. De arbeidsdeskundige had de functies beoordeeld aan de hand van de functionele mogelijkhedenlijst (FML) en gemotiveerd dat deze passend waren binnen de belastbaarheid van eiser. Het verzoek om een onafhankelijke deskundige werd afgewezen omdat geen sprake was van onzorgvuldigheid of oneerlijk proces.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om proceskostenveroordeling af. De uitspraak is gedaan door rechter J.R. van Es-de Vries op 19 januari 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.