Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van verdachte zoals afgelegd ter terechtzitting van 15 maart 2022;
- het proces-verbaal van aangifte door [aangever] namens [winkel] van 15 juni 2021
ter terechtzitting van 15 maart 2022verklaard:
proces-verbaal van verhoor getuige, onder meer het volgende verklaard:
proces-verbaal van bevindingenvan 25 november 2021 onder meer het volgende gerelateerd:
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
- een jeugddetentie voor de duur van 146 dagen met aftrek van het voorarrest;
- een plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ-maatregel), geheel voorwaardelijk onder de voorwaarden dat verdachte:
- de rapportage van de Raad voor de Kinderbescherming van 11 maart 2022, opgemaakt door G. Pos;
- de psychiatrische rapportage van 9 maart 2022, opgemaakt door kinder- en jeugdpsychiater K.F.J. Vonhögen;
- de psychologische rapportages van 22 november 2021 en 7 maart 2022, opgemaakt door gezondheidszorgpsycholoog A.I. de Zwart;
- de rapportages van SAVE van 14 februari 2022 en 7 maart 2022, opgemaakt door
9.VORDERING TENUITVOERLEGGING
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;
- legt aan verdachte op
- bepaalt dat de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen
- stelt daarbij een proeftijd van twee (2) jaren vast;
- als voorwaarden gelden dat verdachte:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
- wijst de vordering toe;
- gelast de tenuitvoerlegging van de door de kinderrechter in de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 13 augustus 2020 opgelegde voorwaardelijke taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van 20 uren subsidiair 10 dagen jeugddetentie.