ECLI:NL:RBMNE:2022:1260
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning en beroep ongegrond verklaard
Eiseres stelde beroep in tegen de vastgestelde WOZ-waarde van haar woning aan een adres in een plaats, die door verweerder was vastgesteld op €274.000,- en na bezwaar verlaagd naar €252.000,-. Eiseres betoogde dat de woning vanwege eenvoudige voorzieningen en beperkte renovatie een lagere waarde van €231.000,- zou moeten hebben.
De rechtbank behandelde het beroep op 21 maart 2022 en beoordeelde de taxatiematrix en toelichting van verweerder, waarin de woning werd vergeleken met drie referentiewoningen in dezelfde plaats met marktgegevens. Verweerder maakte aannemelijk dat de waarde niet te hoog was vastgesteld, mede door inzichtelijke waardebepaling per vierkante meter en rekening houdend met verschillen in voorzieningen.
Eiseres kon onvoldoende onderbouwen dat de woning slechts eenvoudige voorzieningen had, terwijl de taxateur toelichtte dat na een verbouwing van €20.000,- en het onderhoud via de VVE het voorzieningenniveau als normaal kon worden beschouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Tevens wees de rechtbank het verzoek tot schadevergoeding wegens vermeende termijnoverschrijding af en legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €252.000,- wordt ongegrond verklaard.