Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 maart 2022 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
[verweerder] , verweerder
Procesverloop
- dat de aanstelling van eiser bij de voormalig werkgever per 1 december 2019 wordt beëindigd wegens een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie als bedoeld in artikel 99 van Pro het ARAR;
- dat eiser recht heeft op een financiële regeling in de vorm van een ontslaguitkering. Deze ontslaguitkering is gelijk aan de werkeloosheidsuitkering vermeerderd met de bovenwettelijke werkeloosheidsuitkering als bedoeld in artikel 99, tweede lid, van het ARAR;
- dat de voormalig werkgever voor de uitvoering van deze overeenkomst gebruik maakt van de diensten van verweerder.