Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
thans gedetineerd te Forensisch Centrum Teylingereind te Sassenheim,
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.VOORLOPIGE HECHTENIS
11.BENADEELDE PARTIJ
12.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
13.BESLISSING
- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt [verdachte] daarvan vrij;
- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart [verdachte] strafbaar;
360 dagen;
135 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat [verdachte] de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
twee (2)jaren vast;
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- zich in het kader van de maatregel Toezicht en Begeleiding, binnen vijf dagen na het ingaan van de proeftijd zal melden bij Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering te Utrecht en zich daarna gedurende een door de jeugdreclassering te bepalen periode (die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd) en op door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen dient te blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht en zich houdt aan de aanwijzingen die hem in dit kader worden gegeven;
- meewerkt aan het wonen binnen een instelling bij de [instelling] , zolang de reclassering en de [instelling] dit nodig achten;
- zich houdt aan de regels bij de [instelling] (begeleid wonen);
- zicht inzet voor het verkrijgen en behouden van een positieve dagbesteding (school/werk);
- zich inzet voor het verkrijgen en behouden van een positieve vrijetijdsbesteding;
- zich, zolang de reclassering dit gedurende de proeftijd noodzakelijk acht, houdt aan een locatiegebod op het adres [adres] te [woonplaats] dan wel het adres van [instelling] waar [verdachte] woont, inhoudende dat hij aldaar aanwezig is dagelijks tussen 22:30 uur en 08:00 uur. De tijden buiten deze uren kan betrokkene gebruiken om aan zichzelf en zijn toekomst te werken (sport, hobby’s, school, werk, behandeling), zoals met de jeugdreclassering wordt afgesproken. [verdachte] werkt mee aan elektronische controle op dit locatiegebod op voornoemd adres. De elektronische controle duurt na onherroepelijk worden van het vonnis maximaal vier maanden, of zoveel korter als de reclassering nodig vindt;
- meewerkt aan ambulante behandeling bij een forensische polikliniek, te bepalen door de jeugdreclassering;
- meewerkt aan het afnemen van urinecontroles;
- meewerkt aan aanvullende hulpverlening wanneer de reclassering dit nodig acht;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
:
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van
- veroordeelt [verdachte] tot betaling van het toegewezen bedrag aan [slachtoffer] , vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 januari 2019 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt [verdachte] de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 3.428,20 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 januari 2019 tot de dag van volledige betaling. Bij gebreke van betaling wordt geen aanvullende gijzeling opgelegd;
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.