Uitspraak
[…] , allen te [woonplaats] , (21/2712)
[eisers sub 2] , te [woonplaats] , (21/3151)eisers sub 2, en samen met eisers sub 1: eisers,
Parzijde B.V., te Amsterdam, vergunninghouder,
Inleiding
Beslissing
Overwegingen
Conclusie
Rechtbank Midden-Nederland
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten om een omgevingsvergunning te verlenen voor de sloop van een leegstaand kantoorpand en de bouw van een appartementencomplex met 28 appartementen.
Het bouwplan is in strijd met de beheersverordening Houten Noord en Zuid, omdat het gebruik afwijkt van kantoor naar wonen en de afmetingen en locatie van het gebouw verschillen. Het college heeft de vergunning verleend op grond van de buitenplanse afwijkingsmogelijkheid uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, mits het bouwplan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.
Eisers stelden bezwaren over geluidsoverlast door dry coolers, de massaliteit van het gebouw, het verlies van uitzicht en het participatietraject. De rechtbank oordeelde dat het participatietraject niet toetsbaar is, het geluidniveau van de dry coolers aanvaardbaar is, het uitzichtverlies niet zwaarder weegt dan het algemeen belang van woningbouw en dat het college binnen zijn beleidsruimte redelijk heeft gehandeld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenvergoedingen af. Tevens werd vastgesteld dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is en dat de wettelijke termijn voor uitspraak niet strikt is overschreden.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het appartementencomplex wordt ongegrond verklaard.