ECLI:NL:RBMNE:2022:1804
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen herziening studiefinanciering wegens niet-woonachtig op BRP-adres
Eiseres ontving studiefinanciering op basis van de norm voor uitwonende studenten, terwijl zij volgens een huisbezoek van controleurs niet daadwerkelijk op het BRP-adres woonde. Verweerder herzag daarop de studiefinanciering en vorderde het te veel ontvangen bedrag terug.
Eiseres stelde dat de controleur niet bevoegd was en dat het bewijs onrechtmatig was verkregen omdat de toestemming voor het huisbezoek onvoldoende zou zijn. De rechtbank oordeelde dat de controleur bevoegd was op grond van het aanwijzingsbesluit en dat eiseres als bewoonster voldoende toestemming had gegeven voor het binnentreden, waardoor het bewijs rechtmatig was verkregen.
De rechtbank stelde vast dat verweerder voldoende feiten had gepresenteerd waaruit bleek dat eiseres niet op het BRP-adres woonde, zoals het ontbreken van persoonlijke zaken in de kamer tijdens het huisbezoek. De door eiseres overgelegde bewijsstukken, zoals verklaringen van derden en poststukken, waren onvoldoende om deze conclusie te weerleggen.
Daarom was de herziening van de studiefinanciering en de terugvordering terecht. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van de studiefinanciering en terugvordering is ongegrond verklaard.