Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.Waar gaat het over?
3.De beoordeling
€ 50,00 +
Rechtbank Midden-Nederland
De procedure betreft een geschil tussen een voormalig voorzitter van het bestuur van een Vereniging van Eigenaars (VvE) en de VvE zelf over een bestuursvergoeding van €644,11. De VvE erkent een deel van deze vergoeding te moeten betalen, maar stelt dat het resterende bedrag verrekend kan worden met een vordering die zij op de voormalig voorzitter heeft wegens schilderwerk.
De voormalig voorzitter betwist het verrekeningsverweer omdat hij de bestuursvergoeding in zijn hoedanigheid als voormalig voorzitter vordert, terwijl de vordering van de VvE op hem privé is als voormalig appartementseigenaar. Daarnaast stelt hij dat de vordering van de VvE niet opeisbaar is omdat hij geen akkoord heeft gegeven voor de meerkosten van het schilderwerk.
De rechtbank oordeelt dat verrekening niet mogelijk is omdat partijen niet elkaars schuldeiser en schuldenaar zijn in dezelfde rechtsbetrekking. De bestuursvergoeding wordt daarom toegewezen, met wettelijke rente vanaf 31 januari 2021. De schadevergoeding voor bestede tijd en deurwaarderskosten wordt afgewezen omdat deze kosten onder de proceskostenregeling vallen. De VvE wordt veroordeeld in de proceskosten van de voormalig voorzitter.
Uitkomst: De VvE moet de bestuursvergoeding van €610,40 met wettelijke rente betalen en de proceskosten van de eiser vergoeden.