Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 mei 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
[B],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres diende op 7 januari 2021 een aanvraag in voor een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet, bedoeld voor haarzelf en haar twee minderjarige kinderen. De gemeente Utrecht wees deze aanvraag af. Eiseres maakte bezwaar en diende afzonderlijke aanvragen in voor haar kinderen, waarvan één werd toegewezen en de andere werd afgewezen. Na afwijzing van de bezwaren verklaarde de rechtbank het beroep van eiseres ongegrond.
De rechtbank oordeelde dat de oorspronkelijke aanvraag van eiseres werd gedaan voor zichzelf, conform een eerdere uitspraak van de voorzieningenrechter. Ook wanneer de aanvraag alleen voor de kinderen bedoeld zou zijn, zou dit niet leiden tot onrechtmatigheid van het besluit. De afwijzing van de bijstand voor één kind vanwege het ontbreken van een geldige verblijfsvergunning werd bevestigd, aangezien procedureel rechtmatig verblijf geen recht op bijstand geeft.
Verder stelde eiseres dat de hoogte van de toegekende bijstand onvoldoende was om het levensonderhoud van het gehele gezin te dekken, maar de rechtbank verwierp dit standpunt omdat de uitkering alleen voor het betreffende kind was bedoeld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.