Eiseres heeft op 29 september 2021 beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De rechtbank heeft het beroep niet inhoudelijk behandeld omdat eiseres het griffierecht van €360,- niet heeft betaald, ondanks een aangetekende aanmaning en een herinnering per gewone post. Beide brieven zijn geweigerd door eiseres, wat voor haar risico komt.
Daarnaast heeft eiseres niet voldaan aan de wettelijke vereisten voor het in behandeling nemen van het beroep. De rechtbank heeft haar meerdere malen verzocht om een uittreksel uit het handelsregister en een kopie van de statuten te overleggen, maar ook hieraan is geen gehoor gegeven. De weigering van de aangetekende brief hierover ligt eveneens voor risico van eiseres.
Gelet op het ontbreken van betaling van het griffierecht en het niet aanleveren van de gevraagde stukken, acht de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Eiseres krijgt geen gelijk en er worden geen proceskosten toegekend.