ECLI:NL:RBMNE:2022:2326
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen WOZ-waarde woning vastgesteld met vergelijkingsmethode
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn appartement, gekocht in januari 2018 voor €156.000,-, terwijl de waardepeildatum 1 januari 2020 is. Eiser betoogt dat de waarde lager moet worden vastgesteld op €189.000,-, uitgaande van het eigen aankoopcijfer. Verweerder handhaaft de vastgestelde waarde van €200.000,-, onderbouwd met een taxatiematrix volgens de vergelijkingsmethode.
De rechtbank overweegt dat het eigen aankoopcijfer ruim 22 maanden voor de waardepeildatum ligt en bovendien niet marktconform is vanwege de verkoop door een woningbouwvereniging met niet-commerciële doelstellingen en een zelfbewoningsplicht. Hierdoor weerspiegelt het aankoopcijfer niet de waarde in het economisch verkeer.
Verweerder heeft een taxatiematrix overgelegd met drie vergelijkbare appartementen, waarvan twee in hetzelfde complex, met verkoopprijzen dicht bij de waardepeildatum. De rechtbank acht deze onderbouwing voldoende en wijst het beroep af. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €200.000,- bevestigd.