Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 juni in de zaak tussen
[verzoekster] , gevestigd in [plaats] , verzoekster
Inleiding
UTR 22/1114 – behandeld op de zitting van 10 juni 2022. Hierbij waren de volgende personen aanwezig.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze zaak verzoekt een visrokerij om schorsing van een omgevingsvergunning die het college heeft verleend voor de bouw van 49 appartementen en 6 twee-onder-één-kapwoningen nabij haar bedrijf. De visrokerij vreest hinder door geur en geluid, wat haar bedrijfsvoering belemmert. De voorzieningenrechter beoordeelt dat het onduidelijk is of de vergunning voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening, mede doordat deskundigen van partijen het oneens zijn over geur- en geluidaspecten.
De rechtbank heeft daarom een heropeningsbeslissing genomen en een onafhankelijke deskundige benoemd om advies uit te brengen. Hierdoor is onzeker of de vergunning in stand zal blijven. De voorzieningenrechter weegt het belang van de visrokerij om niet geconfronteerd te worden met onomkeerbare gevolgen zwaarder dan het belang van het college en vergunninghouder om snel te kunnen bouwen.
De voorlopige voorziening wordt toegewezen, waardoor de vergunning wordt geschorst totdat op het beroep is beslist. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan de verzoekster. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter R.C. Moed op 24 juni 2022.
Uitkomst: De omgevingsvergunning wordt geschorst tot uitspraak op het beroep en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.