Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente IJsselstein verleende een omgevingsvergunning voor het legaliseren van een voetbalkooi en het plaatsen van een geluidsscherm op een perceel waar buitenschoolse opvang en kinderentertainment plaatsvinden. Eisers, buren van het perceel, maakten bezwaar tegen deze vergunning vanwege de vermeende negatieve impact op hun woon- en leefmilieu.
De rechtbank toetste of het college zijn beleidsruimte correct had benut en of het akoestisch onderzoek waarop het besluit was gebaseerd, voldoende zorgvuldig en begrijpelijk was. Eisers stelden dat het onderzoek gebrekkig was en dat cumulatie van geluid en verkeersgeluid niet was onderzocht. Het college en de Omgevingsdienst regio Utrecht stelden daartegenover dat het geluidsniveau van de voetbalkooi met het geluidsscherm ruim onder de geldende grenswaarden blijft en dat bijkomende geluidbronnen niet relevant zijn.
De rechtbank concludeerde dat het college redelijk heeft gehandeld binnen zijn beleidsruimte en dat het rapport van de Omgevingsdienst het rapport van de eisers voldoende weerlegt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, waardoor de vergunning voor de voetbalkooi en het geluidsscherm blijft gelden. Eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.