ECLI:NL:RBMNE:2022:2491
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij buiten behandeling stellen bijstandsaanvraag wegens ontbrekende informatie over verkoop percelen
Verzoeker had in 2016 meerdere percelen grond in Turkije met een waarde van €27.039,- die volgens hem executoriaal zijn verkocht om schulden af te lossen. Sinds oktober 2019 heeft verzoeker meerdere bijstandsaanvragen ingediend die telkens zijn afgewezen of buiten behandeling zijn gesteld omdat verweerder niet kon vaststellen wat er met de verkoopopbrengst was gebeurd.
Op 24 januari 2022 diende verzoeker opnieuw een aanvraag in, die op 31 maart 2022 buiten behandeling werd gesteld. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening tegen dit besluit. De voorzieningenrechter oordeelde dat er geen sprake was van spoedeisend belang, omdat geen acute financiële nood of onomkeerbare situatie dreigde.
Daarnaast had het bezwaar geen redelijke kans van slagen omdat verzoeker onvoldoende bewijs kon leveren over de bestemming van de verkoopopbrengst. Verzoeker kon mogelijk nog stukken verkrijgen via schuldeisers of Turkse rechtbanken, maar had dit niet aannemelijk gemaakt. Het risico dat een eventuele bijstandsuitkering later terugbetaald moet worden, was te groot. Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het buiten behandeling stellen van de bijstandsaanvraag is afgewezen.