ECLI:NL:RBMNE:2022:2624
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.R. Buisman
- P.C. Quak
- J.G. van Ommeren
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling levensgezel wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 9 mei 2022 de strafzaak tegen verdachte die werd verdacht van mishandeling van zijn levensgezel op 4 maart 2021 te Hilversum.
De officier van justitie baseerde haar vordering op de aangifte van het slachtoffer, getuigenverklaringen, Whatsapp-berichten en waargenomen letsel. De verdediging betwistte de betrouwbaarheid van de aangifte en stelde dat er onvoldoende bewijs was.
De rechtbank constateerde tegenstrijdigheden en inconsistenties in de verklaringen, onvoldoende steun voor de aangifte in andere bewijsmiddelen, en vond het letsel niet overtuigend vastgesteld. Er waren geen getuigen van de mishandeling en de verklaring van het slachtoffer was niet consistent.
Daarom kon de rechtbank niet tot de wettelijk vereiste overtuiging komen dat verdachte het ten laste gelegde feit had gepleegd en sprak hij verdachte vrij. Tevens wees de rechtbank een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf af en hief het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van mishandeling.